|
Naar het complete historische recept met inleiding en illustraties |
Sluberkens. mergpasteitjes uit
de vijftiende eeuw.
(Printversie van het recept november/december 2006 (1 pagina A4) ©
Christianne Muusers)
De naam 'sluberkens' is bepaald niet verkeerd gekozen. Deze pasteitjes zijn om
te slurpen zo lekker! De bereiding is niet moeilijk, en neemt ook niet veel tijd
in beslag. Volgens Thomas vander Noot moeten de pasteitjes als
voorgerecht worden geserveerd. In een historische maaltijd zou ik dat ook zéker
doen. Maar als nagerecht zijn ze ook lekker.
Voor vier tot zes pasteitjes.
Ingrediëntenlijst:
200 gram korstdeeg
1 rauwe eidooier om het deeg mee te bestrijken
Voor de vulling:
90 gram merg (2 tot 3 mergpijpjes)
50 gram suiker
30 gram krenten
1 theelepel kaneelpoeder
1 of 2 rauwe eidooiers
Voorbereiding:
Week de mergpijpjes enkele uren in gezouten water dat af en toe wordt ververst.
Spoel ze af, kook ze daarna in nieuw gezouten water gedurende tien tot vijftien minuten. Laat iets afkoelen, schuif of
schep dan het merg uit het bot.
Bereiding:
Verwarm de oven voor op 200EC.
Meng het nog warme kleingesneden of geprakte merg met suiker, krenten, kaneel en
eidooier. Als je het merg laat afkoelen is het weer hard geworden.
Bestrooi het aanrecht met bloem. Rol het korstdeeg uit, snijd er vier tot zes
rondjes uit met een diameter van twaalf tot vijftien centimeter. Schep op ieder deegrondje een eetlepel vulling, klap de
rondjes dicht en druk de randen goed aan. Bestrijk de halve maantjes met
eidooier. Leg de pasteitjes op een bakplaat in het midden van de oven, bak ze in
twintig minuten gaar.
Serveren:
De pasteitjes worden warm gegeten.
Eet smakelijk!
|
Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op 09-01-10. |