|
Gevulde eieren
Voor acht halve gevulde
eieren. Vermenigvuldig de hoeveelheden naar behoefte.
Printversie van het recept
4 hardgekookte eieren
1/2 theelepel kaneel
1/2 theelepel gemberpoeder
4 blaadjes verse salie of 1 theelepel gedroogde
1 1/2 theelepel fijngehakte peterselie
1/2 geraspte zure appel (zonder schil en klokhuis)
peper, zout naar smaak
1 eetlepel appelciderazijn
1/4 theelepel saffraandraadjes
1 rauw eiwit
boter of olie
1/2 theelepel kaneelpoeder en suiker (onderlinge verhouding 1:1)
Voorbereiding:
Pel de eieren, snijd ze in de lengte doormidden. Wip de dooiers
eruit en prak die fijn met specerijen, kruiden en appel.
Voor een mooie gele kleur verhit je de azijn, kneus je de
saffraandraadjes in de hete azijn, en doe je dit mengsel ook bij de
vulling. Verdeel de vulling over de eierhelften.
Bereiding:
Roer het eiwit los met een vork. Wentel de eieren door
het eiwit, en bak ze in een koekepan waarin boter of olie is verhit.
Leg de eierhelften eerst met de vulling naar beneden. Draai ze
daarna voorzichtig om. Ze hoeven maar heel even te bakken, hooguit
een minuut per kant.
Serveren:
Deze eieren kunnen koud of warm worden opgediend. Bestrooi ze vlak voor het
opdienen met het kaneel-suikermengsel.
Geef ze
bij het paasontbijt, als borrelhapje, of als voorafje bij een
middeleeuwse maaltijd. Overigens: hier zijn meer "paaseirecepten". En
mocht je je afvragen hoe je een ei kookt, kijk dan hier.
Extra informatie over ingrediënten:
Broodsuiker:
Wij kopen onze suiker in kristal- of poedervorm, maar vroeger werd suiker
ingeperste vorm gekocht, vaak kegelvormig. Deze suiker moest worden
geraspt op een speciale suikerrasp. Vóór 1600 was suiker altijd
afkomstig van rietsuiker. Tegenwoordig is rietsuiker lichtbruin van kleur,
hetzij doordat de suiker nog ongerechtigheden bevat (ongeraffineerd heet
dat), maar rietsuiker wordt ook wel gekleurd door toevoeging van stroop.
Als rietsuiker helemaal wordt geraffineerd is het net zo wit als
bietsuiker. Bruine suiker bevat een ietsepietsje meer aan bepaalde
voedingsstoffen dan witte suiker, maar die voedingsstoffen krijgen we al
ruimschoots via andere levensmiddelen binnen. Bruine suiker heeft wel
méér smaak dan witte, juist door de ongerechtigheden die er nog in
zitten. Maar ik heb het hier alleen om de echte bruine suiker, niet suiker
die gewoon is geraffineerd en waaraan daarna kleurstof is toegevoegd.
Als je op middeleeuwse miniaturen suikerbroden ziet afgebeeld
zijn die wit van kleur, niet bruin, de rietsuiker was volledig
geraffineerd. Als je authentiek wilt koken, zul je witte rietsuiker moeten
gebruiken, maar die is vrijwel niet te krijgen. Je zult dus óf
ongeraffineerde rietsuiker moeten gebruiken, die toch iets anders smaakt
en het gerecht anders kleurt, óf geraffineerde bietsuiker, die hetzelfde
smaak- en kleureffect heeft als geraffineerde rietsuiker, maar toch een
anachronisme is.
Salie:
Een decoratieve groenblijvende struikachtige plant, Salvia officinalis.
Als je een tuin hebt, beslist planten! Het hele jaar door kun je de
blaadjes plukken en gebruiken. Klassieke combinaties zijn met kippelevertjes,
met ui als vulling voor varkensvlees, en in eiergerechten. Wees
voorzichtig met de hoeveelheden, de smaak kan snel overheersen.
Aanvankelijk werd deze plant vooral in de geneeskunst gebruikt (dat zie je
ook aan de Latijnse naam), maar tegen het eind van de Middeleeuwen drong
salie ook in de keuken door.
Bibliografie
Genoemde edities zijn in mijn bezit. De links verwijzen naar verkrijgbare edities.
Alle op deze site genoemde boeken
R. Jansen-Sieben en M.
van der Molen Willebrands, Een notabel
boecxken van cokeryen. Het eerste gedrukte Nederlandstalige kookboek circa
1514 uitgegeven te Brussel door Thomas Vander Noot. Bezorgd en van
commentaar voorzien door [...].
Amsterdam, 1994. (Interneteditie)
|