Inleidende teksten, bewerkingen en foto's van gerechten zijn eigendom van Coquinaria en mogen niet zonder toestemming en bronvermelding worden overgenomen.
recept november/december 2003
Middeleeuwse kerstgans.
Een Engels recept uit de veertiende eeuw. English
version of this recipe
Voor een geslaagd kerstdiner schijnt
een kalkoen zo geschikt te zijn. Ik houd niet van kalkoen. Het vlees
smaakt nergens naar en het is te droog. Vermoedelijk zijn die neutrale
smaak en het magere vlees juist de redenen bij uitstek waarom kalkoen als groot
gevogelte (en als "poulet") bij velen zo'n succes is.
Geef mij toch maar een
tamme gans. Zo'n ganzebeest heeft een volle smaak, en het vet van de gans
kan worden uitgesmolten en na zeven in een potje in de koelkast worden
bewaard. Dat spaart weer een duur blik ganzevet uit!
In de Middeleeuwen was een gans bijna net zo veelzijdig als een varken. De veren
werden gebruikt voor de pijlen en om mee te schrijven. Ganzevet was niet alleen
een zeer gewaardeerd kookvet, het werd ook gebruikt om leer in te vetten, en als
basis voor medicinale zalfjes voor huidaandoeningen en reuma.
Gans kwam met Kerstmis op tafel, maar er waren ook andere dagen waarop speciaal
geroosterde gans werd geserveerd, zoals op de dag van Sint Michiel (29
september) en met Pinksteren. Op het vasteland van Europa wordt op Sint Maarten
(11 november) een gebraden gans op tafel gezet. Dat is niet zomaar. De legende
wil dat toen de bisschop van Tours was overleden (in 371 nC), de stadsbevolking
Martinus als opvolger wilde. Martinus vond zichzelf echter niet geschikt en had
zich verstopt in een ... ganzenhok. Waaks als ganzen zijn verraadden ze zijn
aanwezigheid door luid te gakken en zo werd Martinus tegen en wil en dank toch
bisschop van Tour.
Dit recept is ontleend aan de The
forme of
cury, editie recept nr 32, pp.104/105. De originele tekst schijnt rond 1390 te zijn ontstaan. Er zijn
zo'n zeven verschillende versies van The forme of cury bewaard gebleven.
In slechts één van deze versies staat de vermelding dat deze tekst is ontstaan
aan het hof van koning Richard II (1377- 1399). Van een paar versies ontbreekt
echter het begin van de tekst, zodat niet is vast te stellen of deze vermelding
uniek voor dat ene manuscript is. (Curye on
Inglysch pp.20/24)
In het recept wordt "galyntyne" gebruikt voor de saus. Dit is een saus
op basis van bouillon, met specerijen en gebonden met broodkruim, die eenmaal
afgekoeld geleert. Uit een ander manuscript (uit de vijftiende eeuw), Yale University, Beinecke
163 (editie), heb ik een recept voor galantine bij vlees
gehaald (er zijn ook diverse galantines speciaal voor vis, zie voor een
Middelnederlands recept hier). In The forme of
cury stond ook een recept voor galantine (recept nr 142, p.130) waarin enkel
broodkruim, azijn, laos, kaneel en gember wordt gebruikt. Onderstaand recept
beviel mij echter beter. Voor alle duidelijkheid: ik geef de tekst van het
tweede recept alleen om te laten zien waar ik de galantine die in de saus
Madame wordt gebruikt op baseer. Constance B. Hieatt constateert terecht dat het
onmogelijk is filets van de borst van een varken te snijden (An ordinance of
pottage p. 135). Als je de "felets in galentyne" wilt maken, neem
dan ofwel varkensfilet zoals Hieatt adviseert, of probeer het eens met
spareribs.
In het middelnederlandse manuscript Gent 1035 staat een recept
voor een heel andere saus bij gans. En hier vind je een recept voor
vis in galantine.
In mijn weergave van de Middelengelse tekst heb ik het teken thorn (þ),
een letter die in middeleeuwse engelse manuscripten voorkomt, niet gebruikt.
Ik heb dit vervangen door "th". Voor de betekenis van de tekst maakt deze vervanging niets uit.
Sawse
madame.
Take sawge, persel, ysope and saueray, quinces and peeres, garlek and
grapes, and fylle the gees therwith; and sowe the hole that no grece come
out, and roost hem wel, and kepe the grece that fallith therof. Take
galyntyne and grece and do in a possynet. Whan the gees buth rosted ynowh,
take hem of & smyte hem on pecys, and take that that is withinne and
do it in a possynet and put therinne wyne, if it be to thyk; do therto
powdour of galyngale, powdour douce, and salt and boyle the sawse, and
dresse the gees in disshes & lay the sewe onoward.
Saus "Madame".
Neem salie, peterselie, hysop en
bonenkruid, kweeën en peren, knoflook en druiven, en vul de ganzen daarmee.
Naai het gat dicht zodat er geen vet uit komt. Rooster [de ganzen] goed en
bewaar het vet dat eraf druipt. Neem galantine en vet en doe het in een
kookpotje. Als de ganzen genoeg geroosterd zijn, neem ze dan [van het spit] af en
snijd ze in stukken, en neem wat erin is en doe dit in een kookpotje. Doe er
wijn in als het te dik is. Doe er poeder van laos bij, zachte specerijen
en zout. Kook de saus [op]. Serveer de ganzen op schotels en leg de saus
erop.
Felets in
galentyne.
Take the ribbys of a breste of porke; fle of the skyn. Do the flesche on a
broche. Roste hit tyl hit be almost ynowghe; take hit of. Chop hit in
pecys. Do hit yn a potte with onyons cut grete, wyth clowys hole, macyz,
quibibys; do togedyr & a quantyte of swete broth. Draw a lyour of
paryngys of crustys of white bredde with good wyne and a lytyll blod,
& alaye hit a lytyll, & do therto poudyr of pepyr, a lytyll, &
a good quantyte of poudyr of canell, & sette it on the fyre &
styrr it. & when it is boyled inowgh, loke hit be nott chargaunt.
Sesyn hit up with poudyr of gynger, veneger & salt.
Filets in
galantine.
Neem de ribben van een varkensborst. Vil de huid. Doe het vlees aan een
spit. Rooster het tot het bijna gaar is. Haal het [van het spit] af. Hak het in stukken. Doe het in
een pot met grof gesneden uien, hele kruidnagels, foelie, cubebe. Meng het
met een hoeveelheid bouillon van vers vlees. Meng een laag korsten van wit
brood met goede wijn en een beetje bloed,en vermeng het een beetje. Doe er
peperpoeder bij, een beetje, en een flinke hoeveelheid kaneel. Zet het op
het vuur, en roer het om. Als het genoeg gekookt heeft, kijk dan of het
niet [te] dik is.Breng op smaak met gemberpoeder, azijn en zout.
Gans met "saus madame".
1 tamme gans van 3 tot 4 kilo
Voor de vulling:
2 kweeën of zure appels
2 peren (ik heb toch Doyenne de Comice genomen, omdat ik die zo lekker vind)
2 eetlepels fijngehakte peterselie, 1 theelepel elk van fijngehakte salie,
hysop
en bonekruid
2 tenen knoflook, fijngehakt
20 tot 30 druiven, wit of blauw, zonder velletje
voor de saus:
1 eetlepel ganzevet
1 kleine ui, gesnipperd
1/2 liter donkere bouillon (van gevogelte of vlees)
1/2 deciliter rode wijn
1 eetlepel rode wijnazijn
kruim van 3 lichtgeroosterde witte boterhammen zonder korst
specerijen: laos, kaneel, foelie, kruidnagel,
cubebepeper (fijngestampt,
verhouding 2:1:1/4:1/4:1/4, samen 1 theelepel)
zout naar smaak
de inhoud van het zakje uit de buikholte van de gans
de vulling uit de gans
Voorbereiding:
Bereid de gans voor zoals hieronder is
beschreven.
Maak de vulling: Kook de kweeën ongeschild een uur in ruim water, laat ze
uitlekken en afkoelen. Schil kweeën en peren, verwijder de klokhuizen en snijd
ze in kleine blokjes. Vermeng met de tuinkruiden, knoflook, en ontvelde druiven. Voor de galantine: Zet de
bouillon op met de nek, lever en frutsels uit het zakje dat in de gans zat.
Breng tegen de kook aan, en laat een paar uur trekken. Zeef de bouillon daarna.
Zie ook een galantine van vis.
Bereiding:
Verwarm de oven voor op 180 grC. Vul de gans, naai de holte dicht, en leg hem op
het rooster boven de braadslee. Dat rooster is absoluut noodzakelijk, want er
komt véél vet en vocht uit de gans.
Zet de gans op de onderste of één na onderste richel in de oven. Bedruip de
gans regelmatig met het vet van het bakblik. Als de gans gaar is (voor een gans van drie en een halve kilo
bijvoorbeeld na twee en een half uur) haal je hem uit de oven, en je laat hem
tien minuten met rust, bedekt met aluminiumfolie.
Daarna moet je een keuze maken: Als je de gans in zijn geheel wilt serveren hoef
je alleen maar de vulling uit de buikholte te scheppen. Daarna bedek je de gans
met gekreukeld aluminiumfolie en zet je de gans terug in de oven die nu op 100
grC staat, om hem warm te houden. Het recept geeft echter aan dat de gans in
stukken wordt geserveerd. Snijd in dat geval vleugels, bouten en borstfilets van
het karkas, ontbeen eventueel vleugels en bouten, snijd het vlees in handzame stukken, en
zet het vlees daarna met alufolie afgedekt in de oven.
Maak de saus: Verhit wat van het ganzevet van het bakblik in een kookpan. Fruit
het uitje goudbruin. Doe de gezeefde bouillon en rode wijn erbij, en het broodkruim.
Laat
enkele minuten sudderen tot de saus gebonden is. Doe nu de vulling uit de gans
erbij, de specerijen en rode wijnazijn. Breng weer aan de kook. Als
de saus te dun is moet er meer broodkruim in, is hij te dik, verdun dan met
wijn.
Serveren:
Leg de gans, stukken gans of stukjes ganzevlees op een mooie schaal, giet wat
van de saus er omheen of erover, en geef de rest van de saus er apart bij.
Om geen anachronisme te bedrijven zou je hierbij brood moeten serveren. Ik vond
in de oven geroosterde aardappeltjes met schil er echter óók heel lekker bij!
(Zet dan een extra bakblik boven de gans in de heteluchtoven, bedruip de partjes
aardappel met wat olijfolie, beetje zout en rozemarijn erbij, na een uurtje zijn
ze gaar).
Cubebe peper
- Ook wel bekend onder de vrolijke naam 'staartpeper'. De Piper cubeba
komt oorspronkelijk uit Indonesië. Net als zwarte peper zijn het de gedroogde
besjes die worden verkocht, maar met de steeltjes er nog aan (vandaar
staartpeper). Werd in Europa gebruikt van de Late Middeleeuwen tot de
achttiende eeuw.
Kweeën -
Kweeën worden soms kweeappels of kweeperen genoemd. Dat hangt van de vorm van
de kwee af. Een ronde kwee is een kweeappel, en een puntige ... juist. Kweeën
bevatten veel pectine, en zijn daardoor héél geschikt om te worden verwerkt in
confituren. Je kunt ze niet rauw eten, daarvoor zijn ze te zuur. Als je kweeën
kookt verkleuren ze naar lichtrood of roze. Je kunt ze bij
Turkse/Marokkaanse winkels kopen.
De Japanse
sierkwee met de mooie rode bloemen is niet de kwee die in de keuken wordt
gebruikt. Oude
fruitrassen - In de vulling van de gans zitten kweeën
en peren. Het recept geeft geen nadere informatie over welke kweeën en peren
gebruikt moeten worden. Veel perensoorten die nu verkrijgbaar zijn dateren van
ver ná de Middeleeuwen. De Doyenne de Comice is in het midden van de
negentiende eeuw onstaan, de Conferencepeer nog later. Het onderscheid tussen
hand- en kookperen was er al wel, en er waren veel fruitrassen
die inmiddels verloren zijn gegaan. Neem stevige kookperen en kweeën of zure
appels.
Een aantal kwekers houdt zich bezig met het in stand
houden van oude fruitrassen. Als je toch een fruitboom wilt planten, overweeg
dan eens niet een bekend ras te nemen, maar zo'n ras dat niet gekweekt is op
opbrengst en immuniteit tegen allerlei ziektes, maar -hopelijk- op smaak. Kijk
bijvoorbeeld bij Stichting Tolderas, of op
de site van Josje Regout. Salie - Een
decoratieve groenblijvende struikachtige plant, Salvia officinalis. Als je een
tuin hebt, beslist planten! Het hele jaar door kun je de blaadjes plukken en
gebruiken. Klassieke combinatie is met kippelevertjes, met ui als vulling voor
varkensvlees, en in eiergerechten. Wees voorzichtig met de hoeveelheden, de
smaak kan overheersen.
Aanvankelijk werd deze plant vooral inde geneeskunst gebruikt (dat zie je ook
aan de Latijnse naam), maar tgen het eind van de Middeleeuwen drong salie ook in
de keuken door. Tamme gans
-
Een tamme gans is echt anders dan een wilde gans. Soms zijn ze vers te koop. Als
je een diepvries gans hebt gekocht, zul je deze bijtijds moeten ontdooien. Haal
hem twee dagen van te voren uit de diepvries, en leg hem in de koelkast. Als je
te laat hieraan hebt gedacht, kun je de gans in een plastic zak in een emmer met
koud water dat je regelmatig ververst laten ontdooien, dat gaat iets
sneller.
In de buikholte zit een zakje met de nek, lever en nog wat frutsels van de gans.
Deze gebruiken we voor de bouillon van de saus (Vroeger zat zo'n zakje ook in
braadkippen, ik vraag me af waarom dat tegenwoordig verdwenen is).
Als het zakje uit de buikholte is gehaald (en dat kan pas als de gans volledig
is ontdooid), wordt de buikholte gespoeld met water, vervolgens drooggedept,
ingewreven met zout, en na een minuut of tien opnieuw drooggedept.
Reken voor het braden van een gans op ongeveer twintig minuten per pond, plus
nog een half uurtje extra, bij een oventemperatuur van 180grC (heteluchtoven)
tot 200 grC (conventionele oven). Voor een gans van drie kilo komt dat neer op
twee en een half uur braadtijd. Gebruik als je dat hebt een
kerntemperatuurmeter. Als die op 80 tot 90 grC staat is de gans gaar.
Laat de gans tien minuten rusten, onder een vel verkreukelde aluminiumfolie
(glimmende kant naar binnen), alvorens hem aan te snijden.
Voor het bewaren van het ganzevet:
Snijd het vet bij de staart weg vóór het roosteren, en smelt dit op laag vuur
uit (zie verder bij de basisrecepten). Zachte
specerijen (powdour douce) - Dit was een kant-en-klaar
specerijenmengsel, zoals wij onze kerriepoeder hebben. Er zijn recepten voor
verschillende mengsels overgeleverd. Gember en kaneel zaten er
hoogstwaarschijnlijk in, verder enkele andere specerijen als foelie, laurier, of
kruidnagel.
Yale University, Beinecke 163,
editie: An ordinance of pottage. An
edition of the fifteenth century culinary recipes in Yale university's ms
Beinecke 163. Editie Constance B. Hieatt. (Londen, 1988).
Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op
09-01-10.
Inleidende teksten, bewerkingen en foto's van gerechten zijn eigendom van Coquinaria en mogen niet zonder toestemming en bronvermelding worden overgenomen.