Inleidende teksten, bewerkingen en foto's van
gerechten zijn eigendom van Coquinaria en mogen niet zonder toestemming en
bronvermelding worden overgenomen.
Er zijn recepten overgeleverd voor de
bereiding van egeltjes, maar wees niet bang: het gerecht op deze pagina is
zonder egelvlees, het lijkt alleen maar op de stekelbeestjes.
Het eerste recept is
hartig, uit de vijftiende eeuw, op basis van vlees. Er is ook een extra recept,
uit de achttiende eeuw, van een nep-egel op basis van marsepein. Beide recepten
komen uit Engelstalige kookboeken. En allebei hebben ze stekeltjes gemaakt van
amandelstaafjes.
Het middeleeuwse recept voor nep-egel
Het eerste recept is uit het
vijftiende-eeuwse Engelse manuscript Harleian 279 (editie
p.38), waar ik al meer recepten uit
heb bewerkt (Aardbeienpudding,
Appelflappen). De yrchoun werd zo
gemaakt: een schoongemaakte varkensmaag wordt gevuld met gekruid gehakt,
bestoken met staafjes amandel, vervolgens geroosterd en tot slot geglazuurd met een
gekleurd bloempapje.
In de lijst met menu's van diverse feestelijke maaltijden in hetzelfde
manuscript, is te vinden dat de
Yrchouns werden geserveerd tijdens de tweede gang van het begrafenismaal van
Nicholas Bubwith, bisschop van Bath en Wells, op 4 december 1424. Ze werden
opgediend samen met
allerlei geroosterd gevogelte en wild (fazant, houtsnip, patrijs, pluvier,
leeuwerik, wulp, konijn, grootwild) en andere schotels. Er was tijdens deze
maaltijd ook een vismenu speciaal voor geestelijken. Ook zij kregen
nep-egeltjes voorgezet. Er zijn geen middeleeuwse recepten voor egeltjes van
vis, maar wel van amandelpasta (zie hieronder), waarschijnlijk kregen zij dus
amandel-egeltjes.
De
nep-egel in andere middeleeuwse kookboeken
Een recept uit een ander Engels manuscript, de Forme of Cury uit de
veertiende eeuw (editie p.139/140),
maakt de stekeltjes door apart staafjes van deeg te bakken, en die vervolgens op
de gevulde varkensmaag te bevestigen.
Ook buiten Engeland werd de nep-egel bereid.
In één van de manuscripten van de Franse Viandier, uit de vijftiende eeuw
(Bibliotheca Vaticana, Regina 776 olim 233 en 2159,
editie p.264/265), staat ook al een recept voor een nepegel (herisson). Hier
wordt de vulling in een schapenmaag gestopt. En dan staat er nog een voorloper
van de 'zoete egel' in de gedrukte Viandier uit 1486 (editie
p.30/31): dit recept is zonder
vlees, de egel wordt gevormd van amandelpasta, en krijgt amandelstekels. Verder
wordt de herisson nog genoemd door de Ménagier de Paris (einde
veertiende eeuw, editie p.802), die vindt het gerecht niet de moeite waard, en door Chiquart
in Du fait de cuysine (rond
1420, editiie p.147) als onderdeel van een gigantisch
spektakelgerecht (een enorm kasteel met binnenhof, dat door vier man gedragen
moet worden), maar deze kookboeken bevatten geen recepten ervoor.
In het Duitse kookboek van Maister Hannsen uit 1460 staan maar liefst drie
recepten voor nep-egels, een
witte van
amandelpasta met amandelstekels, een
zwarte van gember,
specerijen en suiker met kruidnagelstekels, en een
egel van gepureerde
vijgen, ook met kruidnagelstekels. De links verwijzen naar de site van de
Amerikaanse Gwen Grasse, die deze recepten heeft bewerkt (in het Engels) en
gefotografeerd. Erg leuk, en een mooie aanvulling op de 'vlees-egel' hier.
In middelnederlandse kookboeken schittert de nep-egel door afwezigheid. We
hebben wel de nep-vis en de nep-kalfsoren.
De
echte egel
Zowel Plinius de Oudere als
Isidorus van Sevilla dichtten de egel een
slimmigheidje toe: volgens Plinius rolt hij in de herfst over afgevallen appels
die hij naar zijn nest brengt als voedselvoorraad om te overwinteren, volgens Isidorus rolt hij over
druiven om die mee te nemen en aan zijn jongen te voeren. Beide
verhalen zijn natuurlijk onzin, ook al omdat de egel liefst insecten (en
kattevoer!) eet.
De Italiaanse humanist
Platina vergelijkt in De honeste voluptate et valetudine uit 1468het vlees van de egel met dat van het stekelvarken. Het is
niet gebruikelijk om egel- en stekelvarkenvlees te eten, schrijft hij, maar
beide zijn goed voor de maag, werken laxerend, verminderen diverse huidziekten
en eczeem, en ook bedplassen neemt af. Als het vlees eerst is gezouten, werkt
het ook tegen waterzucht.
Op de illustratie bovenaan op deze pagina zie je een egel die door de druiven (of appels)
heeft gerold.
Overigens: de beste manier om egel te bereiden is om hem in klei te verpakken en
te roosteren. Met het verwijderen van de gebakken klei komen de stekels mee.
Alan Davidson meldt dat het vlees mals en smakelijk is, en lijkt op dat van
kip of speenvarken. Ik zou het niet weten, ik heb nooit egel gegeten.
De Ménagier de Paris heeft ook nog een recept voor echte egel: de bereiding is
als voor piepkuiken, met sauce cameline, of een saus voor jonge eenden (editie
p.790). O ja, als een egeltje zich niet wil ontrollen moet je hem in warm water
leggen.
Toen wij nog in Hilversum woonden hadden we
een houtwal achter in de tuin, waar egeltjes in overwinterden. Soms kuierden ze
ook door de tuin. Ze zijn niet lief of aardig, maar wel aandoenlijk om te zien.
Het oorspronkelijke recept Over het manuscript Harleian 279: zie het
recept voor aardbeienpudding.
Editie. De letter ŝ (thorn) stelt de 'th' klank
voor. Op je toetsenbord vind je die als je Ctrl-Alt-t indrukt.
De frase 'every hole half, & eche fro other' is onduidelijk. Wat bedoelt de
schrijver hier? Mijn oplossing is: in ieder gat moet de amandelnaald tot de
helft in worden gestoken, en in ieder gat slechts eentje.
Yrchouns
Take Piggis mawys, & skalde hem wel; take groundyn Porke, & knede it with
Spicerye, with pouder Gyngere, & Salt & Sugre; do it on ŝe mawe, but fille
it nowt to fulle; ŝen sewe hem with a fayre ŝrede, & putte hem in a Spete
as men don piggys; take blaunchid Almaundys, & kerf hem long, smal, &
scharpe, & frye hem in grece & sugre; take a litel prycke, & prykke ŝe
yrchons, An putte in ŝe holes ŝe Almaundys, every hole half, & eche fro
oŝer; ley hem ŝen to ŝe fyre; when ŝey ben rostid, dore hem sum wyth Whete
Flowre, & mylke of Almaundys, sum grene, sum blake with Blode, & lat hem
nowt browne to moche, & s[erue] f[orth].
Egels
Neem varkensmaag, en broei hem goed. Neem fijngehakt varkensvlees en kneed
het met specerijen, gember, zout en suiker. Stop het in de maag, maar vul
het niet te vol. Naai hem dan dicht met goed draad, en rijg hem aan het
spit zoals men met speenvarkens doet. Neem geblancheerde amandelen, en snijd ze
lang, smal en scherp, bak ze in vet en suiker. Neem een klein spit/pinnetje, en
prik de egels. Stop de amandelen in de gaten, ieder gat half, en ieder van
de ander. Zet ze dan bij het vuur. En als ze geroosterd zijn, verguld ze
met tarwebloem en amandelmelk, een deel groen en een deel zwart met bloed,
en laat ze niet te bruin worden, en dien op.
De moderne bewerking van het recept: Printversie van het recept
Een varkensmaag is niet zomaar even bij de slager te halen. Sterker nog, als je
eindelijk een slager hebt gevonden die varkensmaag verkoopt, blijkt hij alleen
in stukken gesneden verhandeld te worden. Ik heb ze gezien, daar kon ik niks
mee. Volgens Slagerij Schell in Rotterdam (die heeft echt alles, ik heb er ook
schapenpenissen vandaan gehaald) zijn hele varkensmagen gewoon niet te krijgen.
Dat krijg je ervan, als slagers niet meer zelf mogen slachten. (over
mijn avonturen bij de slagerij)
Misschien voor de huiveraars
niet veel beter, maar wel makkelijker aan te komen, is een varkensnet. Dit vlies
is ideaal om gehakt in een bepaalde vorm in te verpakken om te roosteren. Met
een varkensnet kun je ook kleinere egeltjes maken, want zo'n maag heeft wel een
bepaalde grootte, en het varkensnet kun je makkelijk in stukken knippen.
De volgorde van de handelingen in de bewerking is anders dan in het originele
recept. Het egellijf wordt geroosterd en geglazuurd voordat de stekels erin gaan.
Daarna gaat hij nog even terug in de oven om het glazuur te laten drogen. Op deze manier leek het mij handiger.
Als je de stekels wilt meevergulden, loop je het risico dat er een aantal
stekels uitvallen, vandaar.
Voor 6 tot 24 personen.
Ingrediëntenlijst:
1 varkensnet (crépinette)
5oo gram
varkensgehakt (voor een hele varkensmaag heb je meer nodig, ik schat twee kilo)
gember, kaneel, kruidnagel, peper (onderlinge verhouding 5:3:1:1, samen 1
eetlepel)
zout en suiker naar smaak
eventueel ei en broodkruim om te binden
Voor de stekels:
amandelstaafjes
50 gram niervet of reuzel (of boter)
30 gram suiker
Voor de glazuur:
amandelmelk van 50 gram gemalen amandelen en 1/4 liter kokend water
groene en zwarte voedselkleurstof (of peterseliepuree en varkensbloed)
per deciliter amandelmelk 60 gram bloem
Voorbereiding:
Meng alles voor de vulling door elkaar: gehakt, specerijen, zout en suiker.
Als je dat wilt, kun je ook wat eieren of eidooiers en brood- of beschuitkruim
erdoor doen. Vorm een egellijfje van het gehakt, en wikkel het varkensnet er
goed omheen.
Als je geen amandelstaafjes kunt kopen, snijd ze dan zelf van geblancheerde
amandelen. Smelt vet en suiker in een pannetje, verhit de amandelstaafjes hierin
tot ze beginnen te verkleuren. Spreid ze uit op een bord, om te voorkomen dat ze
bij het afkoelen aan elkaar gaan plakken.
Maak de amandelmelk: Giet het kokende water bij de gemalen amandelen, laat
twintig minuten trekken, zeef dan het vocht.
Bereiding:
Rooster het gevulde varkensnet in de oven op 170grC gedurende vijf kwartier. Als je een
spit hebt, kun je het hieraan rijgen, maar let wel op dat het spit in het
midden zit, anders wordt de 'egel' niet gelijkmatig gaar.
Haal de 'egel' van het spit, laat vijftien minuten afkoelen op een bakblik. Meng
ondertussen amandelmelk en bloem tot een glad papje, verdeel in twee porties.
Kleur de ene portie groen, de andere zwart. Voor zwart zul je geen vloeibare
kleurstof maar kleurpasta moeten gebruiken. Bestrijk de egel met het glazuur,
op een manier die je aanstaat (half-half, in kwartieren, of anderszins).
Prik nu met een stevige spies gaatjes in het egellijf, en stop daar de
amandelstaafjes in.
Zet het bakblik met de egel nog tien minuten terug in de oven op 120 grC totdat
het glazuur gestold is. Je kunt de egel ook gewoon een paar uur met rust
laten, dan droogt het glazuur vanzelf.
Serveren:
Warm of op kamertemperatuur. Een prachtig spektakelstuk tijdens een uitgebreide middeleeuwse maaltijd.
Het recept is natuurlijk goed verder aan te passen. Gebruik bijvoorbeeld
kalfsgehakt en tuinkruiden en maak de gehaktmassa zo stevig dat je geen omhulsel
nodig hebt, of gebruik pasteideeg. Erg lekker is ook rozijnen door het gehakt te
mengen.
Je kunt dit gerecht als voorgerecht opdienen
(hele kleine egeltjes), of als hoofdgerecht, met een middeleeuws sausje (twee
recepten op deze site: uiensaus en
'sauce madame', beide ook uit Engelse
manuscripten). Ook in plakjes gesneden als borrelhap kan.
Het glazuur is overigens tamelijk smakeloos. Maak je dus geen zorgen over de
kleurstof in het glazuur, want die schraap je hoogstwaarschijnlijk toch van het
egeltje af.
Extra: een recept van Hannah Glasse, "To make a Hedge-Hog"
Dit komt uit een zeer succesvol Engels kookboek uit 1747, geschreven door Hannah
Glasse. Van dit kookboek, The Art of Cookery, made Plain and Easy, is een
facsimile-editie uitgegeven onder de titel First catch your hare (Vang
eerst uw haas). Het uitgebreide artikel over
Hannah Glasse en haar kookboek in de Engelstalige wikipedia heeft veel
informatie uit de inleiding van deze editie overgenomen.
Dit recept komt uit hoofdstuk XV Of making CAKES, &c. (p.146). Maar
hetzelfde recept staat ook al in hoofdstuk IX For a Fast-Dinner, a Number of good
Dishesm which you may make use of for a Table at any other Time ('Fast'
betekent hier niet snel, maar vasten), op bladzij 85. Het
voornaamste verschil is dat de vleesgelei wordt vervangen door gelei van
hertshoorn (blijkbaar hoorden hertegeweiën niet bij de
verboden ingrediënten tijdens de vastentijd). Deze egel werd koud opgediend als
bijgerecht tijdens de hoofdgang, als tafelstuk voor het souper, of als onderdeel
van het Grand Dessert. Er is nog een egelrecept in dit hoofdstuk, waarbij ook
bittere amandelen worden gebruikt, en saffraan, zuring, nootmuskaat, foelie, en
citroen- en sinasappelschil. Deze egel werd warm geserveerd tijdens de eerste
gang.
To make a
Hedge-Hog.
Take two Pounds of blanched Almonds, beat them well in a Mortar with a
little Canary and Orange-flower Water, to keep them from oiling. Make them
into stiff Paste, then beat in the yolks of twelve Eggs, leave out five of
the Whites, put to it a Pint of Cream, sweeten it with Sugar, put in half a
Pound of sweet Butter melted, set it on a Furnace or slow Fire, and keep it
constantly stirring, till it is stiff enough to be made into the Form of an
Hedhe-Hog ; then stick it full of blanched Almonds, slit and stuck up like
the Bristles of a Hedge-Hog, then put it into a Dish, take a Pint of Cream,
and the yolks of four Eggs beat up, sweetned with Sugar to your Palate. Stir
them together over a slow Fire till it is quite hot, then pour it round the
Hedge-Hog in the Dish, and let it stand till it is cold, and serve it up --
-- Or a rich Calf's Foot Jelly made clear and good, pour into the Dish round
the Hedge-Hog ; and when it is cold, it looks pretty, and makes a pretty
Dish ; or looks pretty in the Middle of a Table for Supper.
Om een egel te
maken.
Neem twee pond geblancheerde amandelen, stamp ze goed [fijn] in een vijzel
met een beetje canarij-suiker en oranjebloesemwater, om te voorkomen dat de
olie vrijkomt. Maak het tot een stijve pasta, doe er dan twaalf eidooiers
bij, en laat vijf eiwitten weg. Doe er een pint room in, zoet het met
suiker, doe er een half pond gesmolten boter in. Zet op het fornuis of een
laag vuur, en blijf roeren totdat het stijf genoeg is om de vorm van een
egel te maken. Steek het dan vol geblancheerde amandelen, in
reepjes gesneden en rechtop gestoken zoals de stekels van een egel. Zet het dan op
een schotel. Neem een pint room, en de opgeklopte dooiers van vier eieren
gezoet met suiker naar smaak. Roer samen op een laag vuur tot het goed heet
is, giet het dan rond de egel in de schotel, laat staan tot het is
afgekoeld, en dien op.
Of [neem] rijke gelei van kalfspoten, geklaard en goed, schenk in de schotel
rond de egel. En als het is afgekoeld, ziet het er mooi uit, en maakt een
mooie schotel. Of het ziet er goed uit in het midden van de tafel voor het
avondmaal.
De moderne bewerking van het recept: Printversie van het recept
De egel wordt gemaakt van een soort
marsepein, en omringd door zoete eiervla of hartige
vleesgelei. De marsepein is wel iets gezoet,
maar minder dan moderne marsepein (die heeft een verhouding amandelen:suiker
van 1:1). Vandaar dat ook vleesgelei een alternatief is bij het opdienen. Wil je
de egel in de vla laten zwemmen, gebruik dan meer suiker voor de marsepein. Wil
je toch gelei gebruiken, gebruik dan minder suiker. En
hier lees je hoe je vleesgelei maakt.
Op de foto zijn de egeltjes rood. Dat komt omdat ik wat voedselkleurstof door de
marsepein heb gedaan.
Je blijft bij dit recept met een aantal eiwitten zitten, kijk daarom ook even
bij tips voor
restverwerking.
Het is heel machtig. Als je de egeltjes als dessert zou willen opdienen, is
onderstaande hoeveelheid marsepein volgens mij voldoende voor 24 mensen. De twee
egeltjes op de foto zijn van ongeveer eenderde van de amandelpasta gemaakt, en
er is een kwart liter vla gemaakt. Voor de volledige hoeveelheid marsepein zou
ik de hoeveelheid vla verdubbelen.
Ingrediëntenlijst:
Voor de egel:
400 gram gemalen amandelen
150 tot 250 gram suiker
3 eetlepels (bijna een halve deciliter) oranjebloesemwater
2 hele eieren en 3 dooiers
1,5 deciliter room
80 gram boter
staafjes amandelen voor de stekels
2 rozijnen
Voor de vla:
2,5 deciliter room
2 of
3 eidooiers
50 tot
60 gram suiker
Voor de vleesgelei:
zie dit recept
Voorbereiding/bereiding: Maak het 'egeldeeg': meng amandelmeel, suiker, oranjebloesemwater, eieren
en eidooiers. Smelt de boter op laag vuur zodat hij niet verkleurt, en giet deze met de room bij de
amandelmassa. Kneed of roer tot een egale pasta. Doe de pasta in
een pan met dikke bodem, en verhit op laag vuur terwijl je met een houten lepel
(of een mixer met kneedhaken) roert tot de massa stevig gebonden is. Dit duurt
vijftien tot twintig minuten. Laat zover afkoelen dat je er met je
handen een groot, of zes tot acht kleinere egellijfjes van kunt vormen. Zet de egeltjes in het midden van een
schaal met opstaande randen, of een diep bord.
Als je geen amandelstaafjes hebt kunnen kopen snijd je ze nu zelf van
geblancheerde amandelen (tien tot vijftien amandelen per kleine egel). Rooster de amandelstaafjes
in een droge koekepan tot ze lichtbruin zijn. Steek ze in de egel, als stekeltjes.
Gebruik de rozijnen voor de oogjes. Maak de vla: klop de eidooiers los met de suiker. Meng door de room. Zet
het geheel op laag vuur in een klein steelpannetje, en verhit, terwijl je blijft
kloppen met een garde, totdat de massa gebonden is (tien tot vijftien minuten). Giet de nog warme vla om de
egel in de schotel, en laat afkoelen. In een modern recept zou hier het merg van
een vanillestokje bij worden gedaan. Of maak de gelei:
zie dit recept voor vleesgelei, zoals de
bedoeling is.
Je kunt ook die smaakloze gelatineblaadjes gebruiken om een
mengsel van water en limonadesiroop te binden, zodat de egel in een gekleurd
bedje rust. In die heldere gelei kunnen bijvoorbeeld kleine stukjes fruit,
gesneden in bloemvorm, zweven.
Serveren:
Uit het oorspronkelijke recept blijkt dat dit gerecht als tafelstuk kon dienen,
het stond dan gedurende het hele souper op tafel. Kan, maar je kunt het ook
gewoon als dessert opdienen (dan natuurlijk niet met vleesgelei). Je kunt zelfs
kleine egeltjes maken, zodat iedereen zijn eigen bordje krijgt. De vla kan
worden versierd met suikerbloempjes.
Een van de andere egelrecepten in het boek van Glasse geeft als
serveermogelijkheid ook koude room, gezoet, met witte wijn en het sap van een
bittere sinasappel.
Ideetje: je kunt deze marsepein-egeltjes
prachtig als surprise voor Sinterklaas maken! Het cadeautje kan dan niet al te
groot zijn natuurlijk, maar het is wel origineel verpakt. Je kunt hiervoor ook
kant-en-klaar gekochte marsepein gebruiken. Maar ik verzeker je, dat deze
marsepein echt bijzonder is. Sinterklaaspagina
Amandelen, gemalen
- Deze kun je kopen bij sommige horecagroothandels, toko's
en banketbakkers. Je kunt ook zelf geblancheerde amandelen vermalen in een molen of
blender, of
fijnstampen in een vijzel. Gemalen amandelen zijn te vergelijken met gemalen
cocos: je kunt er melk
van maken, en deze melk gebruik je om sauzen mee te binden (in de Indonesische
en Indiase keuken wordt cocosmelk hiervoor gebruikt). In de Middeleeuwen speelden amandelen
een belangrijke rol als vervanger van zuivelproducten tijdens de Grote Vasten.
Behalve amandelmelk werd ook amandelboter en amandelkaas gemaakt. Die vervanging
was niet eens zo slecht: 100 gram amandelen bevat twee keer zo veel calcium,
vijf keer zoveel fosfor, en maar liefst honderd keer zoveel ijzer als 100 gram
volle melk (zonder fabrieksmatige toevoegingen). Ook bevatten amandelen meer
vitamine B1, B2 en B6, en meer $-caroteen,
en bevatten ze 10% voedingsvezels en geen cholesterol. Maar, dat moet wel
worden gezegd, ze leveren ook bijna tien keer zo veel calorieën dan volle melk.
Gemalen amandelen worden
ook gebruikt om marsepein te maken (zie hierboven), en
amandelspijs.
Canarij-suiker
- Simpelweg suiker die van plantages op de Canarische eilanden afkomstig is. Hertshorn - Van het gewei van een hert. Het was
een bron van ammonia, en werd gebruikt bij de productie van reukzout. In het
Engeland van de 17de en 18de eeuw werd het ook gebruikt om gelei van te maken.
Daarnaast was het een rijsmiddel, het werd dan baker's ammonia of
ammonium carbonate genoemd. Oranjebloesemwater - Dit wordt gemaakt van de
bloesem van bittere sinasappels. Het werd oorspronkelijk in het Midden-Oosten
gebruikt, bijvoorbeeld in siropen. In Europa parfumeerde men er aanvankelijk
beddegoed mee, maar in de zeventiende eeuw werd het ook veel gebruikt in de
voedselbereiding.
Varkensmaag - Een varken heeft één maag, net
als mensen (en in tegenstelling tot koeien). In de vleesindustrie wordt varkensmaag gebruikt in worsten, maar
ook als worstomhulsel (althans, dat was in 1965 het geval). Zoals ik hierboven al
schreef, is er vrijwel niet aan hele varkensmaag te komen. Mocht je zelf een
varken slachten, of iemand weet die dat doet, dan volgt hier de
'handleiding' zoals ik die in het slagersvakboek heb gevonden:
Als de slager
de maag niet al voor je heeft gereinigd, moet je dat zelf doen: vet afsnijden; insnijden in
de grote buitenkromming: door dit gat perst men de inhoud naar buiten. Daarna
stulpt men de maag door dit gat om. Het sterk geplooide slijmvlies komt nu naar
buiten. Goed afspoelen en in koud water te weken zetten. Volgende dag het
slijmvlies afpellen. [...]. De rest, nog steeds slijmhoudend, gaat in het zout.
(geciteerd naar Moderne beenhouwerij en charcuterie, p.211).
Links zie je een foto van een gevulde varkensmaag, met dank aan Nick Stanley (bron).
Gevulde varkensmaag
(saumaagen, seimaage of hogmal) schijnt een traditioneel gerecht te zijn geweest
voor Thanksgiving (14 november) bij Hollandse families in Pennsylvania, en ook
in Duitsland is dit gerecht populair in de Pfalz-streek (bron).
Varkensnet
- In het Frans heet dit een crépine, dat klinkt al leuker. Een varkensnet is
het vlies dat om de ingewanden van het varken zit. Je kunt het diepgevroren
kopen. Ontdooien gaat het best in gezouten water dat je af en toe ververst. Als
het eenmaal ontdooid is kun je het uitspreiden. Je ziet dan een dun doorzichtig
met vet dooraderd vlies. Mij doet het aan kant denken, niet lelijk dus.
Wat is nu de functie van zo'n varkensnet in de keuken? Omdat het zo dun is, en
de vetaders wegsmelten tijdens de bereiding, is het goed te gebruiken als
verpakkingsmateriaal. Bijvoorbeeld een varkenshaasje dat je in de lengte insnijd
en ergens mee vult, dat wikkel je in een varkensnet om ervoor te zorgen dat
tijdens het braden die vulling op z'n plaats blijft. Bovendien zorgt het
varkensnet dankzij de vetaders voor instant bedruiping van het ingepakte vlees.
Knip het varkensnet wel op maat, laat je niet door zuinigheid ertoe verleiden
het héle varkensnet te gebruiken, want als je iets in zes lagen varkensnet
wikkelt wordt dat er echt niet lekkerder op. Gooi wat je niet gebruikt gewoon
weg. Een varkensnet kost bijna niets.
Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op
09-01-10.
Inleidende teksten, bewerkingen en foto's van gerechten zijn eigendom van Coquinaria en mogen niet zonder toestemming en bronvermelding worden overgenomen.
Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op
09-01-10.
Inleidende teksten, bewerkingen en
foto's van gerechten zijn eigendom van Coquinaria en mogen niet zonder
toestemming en bronvermelding worden overgenomen.