|
Inleidende teksten, bewerkingen en foto's van gerechten zijn eigendom van Coquinaria en mogen niet zonder toestemming en bronvermelding worden overgenomen.
Onderstaande recepten zijn basisrecepten. De instructies
zijn uitgebreid, zodat ook iemand die helemaal niets van koken afweet het kan
snappen. Er worden soms variaties genoemd voor de basisrecepten, maar die worden
niet uitgebreid beschreven. Als de basis goed is, lukt de variatie ook wel. Als
je op deze site wilt zoeken naar een bepaald gerecht of ingrediënt, of een
term, ga dan naar de zoekpagina, of kijk op het
overzicht met alle recepten.
De
links naar alle basisrecepten (want zijn er zijn veel meer pagina's) staan
hier
Hoe maak je
mayonaise?
Als je niet bang bent voor rauwe eidooier,
loont het de moeite om voor sommige gerechten zelf mayonaise te maken. Als je
slechts een eetlepel nodig hebt, zou ik gewoon een potje nemen (De Zaanse
mayonaise van Euroshopper is dus ècht de lekkerste. Jammer alleen dat die
tegenwoordig in belachelijk grote potten wordt verkocht. Reden te meer om toch
maar zelf aan de slag te gaan).
Belangrijk is dat alle ingrediënten dezelfde temperatuur hebben,
kamertemperatuur. Ook belangrijk is dat je begint met eidooiers of hele eieren
te kloppen met mosterd, kruiden, azijn of citroensap, en daarna de olie eerst
druppelsgewijs, en dan in een heel dun straaltje, geleidelijk en voortdurend
kloppend toevoegd. Maak je de mayonaise helemaal met de hand (de garde dus), dan
gebruik je alleen eidooiers. Maak je de mayonaise in een blender, dan gebruik je
hele eieren, omdat de mayo anders kan gaan schiften. Over schiften gesproken:
als er onweer in de lucht hangt, kan je beter mayonaise uit een potje nemen,
want zelf maken lukt dan echt niet.
Een basisrecept voor mayonaise is: 1 ei of eidooier, 1 theelepel mosterd, 1
eetlepel azijn, en wat zout samen kloppen, dan giet je olie erbij tot de saus
dik is geworden. In de blender verandert het geluid, hoor je "blob",
dan zet je meteen het apparaat uit.
Welke olie, mosterd, azijn, kruiden? Dat hangt helemaal af van wat je zelf
lekker vindt, of waar de mayonaise bijgaat. Olie kan neutrale olie zijn
(zonnebloem, soja, arachide, sla), of olijfolie, walnotenolie of hazelnotenolie.
Er kan ook sesamolie bij (niet puur, dat
smaakt te sterk). Azijn kan ook neutraal zijn, of wijnazijn (rood, wit, sherry),
of met kruiden, of je gebruikt citroen- of limoensap. Mosterd, kruiden: idem
dito. Bewaar mayonaise gekoeld, en niet langer dan een dag of twee. Mayonaise is natuurlijk erg lekker bij frietjes! Een
recept voor dragon-mayonaise.
Over de geschiedenis
van mayonaise.
Startpagina basisrecepten
Hoe
maak je een goede roux?
In de recepten op deze website wordt af en toe een saus of
ragout gebonden met een roux. Die recepten hebben een link naar deze plek voor
de techniek van het bereiden van een met roux gebonden gerecht .
Het maken van roux is een eenvoudig kunstje dat eigenlijk
niet kan mislukken. Als je maar onthoudt dat het gewicht aan bloem en boter
gelijk moet zijn. Hoeveel vloeistof je erbij doet, hangt af van wat je
eindresultaat moet zijn. Voor een gebonden soep gebruik je 30 tot 50 gram boter
en bloem per liter bouillon, voor een saus 40 tot 50 gram boter en bloem voor
een halve liter saus, wil je een dikke saus, dan gebruik je 60 gram boter en
bloem.
Er zijn verschillende soorten roux, afhankelijk van hoe heet je de boter laat
worden en hoe bruin je de bloem laat branden. Voor de meeste huis- tuin- en
keukensauzen is een blanke roux het best. Je smelt de boter, en voordat deze
verkleurt, voeg je de bloem er in één keer bij. Roer met een houten spatel tot
je een papje hebt. Houd het vuur laag. Blijf roeren, en laat de bloem enkele
minuten garen. Begin dan met het toevoegen van de vloeistof, die je van te voren
hebt afgemeten in een maatbeker. De vloeistof kan koud of warm zijn. In het begin gaat er steeds een klein beetje
vloeistof bij. Zodra de eerste vloeistof in de pan valt, verandert het papje in
een deegje. Blijf roeren, dan komen er geen klontjes. Als je onzeker bent neem
je maar een garde, maar eigenlijk heb je genoeg aan die houten spatel. Als de
vloeistof helemaal is opgenomen, giet je weer een kleine hoeveelheid vloeistof
erbij, en weer roeren tot een glad papje. Naarmate er meer vloeistof is
toegevoegd, kan er een grotere plens bij. Wacht echter iedere keer tot de
vloeistof helemaal is opgenomen en heeft geprutteld.
Enkele variaties: Je kunt na het smelten van de boter een uitje of knoflook meefruiten, of kruiden
of specerijen toevoegen die even moeten "zweten". Als je spek uitbakt
moet je rekening houden met het extra vet: gebruik iets minder boter, of bak de
spekjes in een aparte pan uit. Voor een kaassaus maak je de roux met melk,
en roer je er op het einde geraspte of in kleine blokjes gesneden kaas naar
keuze door (goudse kaas, kruidenroomkaas, blauwschimmelkaas).
Startpagina basisrecepten
Hoe
maak je amandelmelk?
Net als bij cocosmelk
gebruik je de gemalen noot voor het maken van melk. Het is het makkelijkst om te
beginnen met kant-en-klare gemalen amandelen, te verkrijgen bij banketbakker,
toko of horecagroothandel (maar niet bij iedere). Doe het amandelmeel in een
ruime kom. Giet per 150 tot 350 gram gemalen
amandelen 1 liter kokend water erbij, en laat dit twintig minuten
staan. Zeef de amandelbrij door een zeef met een doek erin. Het opgevangen
vocht is amandelmelk. De achtergebleven amandelbrij is nog te gebruiken in deeg
of in andere (middeleeuwse) gerechten (zie de
receptenlijst). In de Middeleeuwen werden de amandelen ook wel in
bouillon of wijn geweekt.
Als je niet aan gemalen amandelen kunt komen, zul je het zelf moeten doen.
Vermaal
150 tot 350 gram gepelde (witte) amandelen in een blender. Als je fijner meel wilt kun
je een (schone!) koffiemolen gebruiken. Startpagina
basisrecepten
Hoe
maak je cocosmelk?
In Indonesische en Indiase recepten worden sauzen
regelmatig gebonden met cocosmelk of santen. Dit vocht is NIET wat je hoort
klotsen als je een hele cocosnoot schudt! Dat wordt meestal weggegooid (het is
alleen lekker om te drinken als je een verse, jonge cocosnoot hebt). Cocosmelk
wordt gemaakt door vers of droog geraspt cocosvruchtvlees te overgieten
met heet water (gedroogde cocos eventueel vijf minuten laten koken in het
water), en dan wat te laten afkoelen. Door de cocos uit te knijpen en het vocht
op te vangen krijg je de cocosmelk of santen die in recepten wordt
gebruikt. Deze verse cocosmelk kan ongeveer 48 uur in de koelkast worden
bewaard, je kunt het niet invriezen. Als de melk een tijdje staat scheidt de
vloeistof zich in "helder" vocht onder, en dik wit vocht boven.
De santen die je in pakjes kunt kopen ("creamed coconut") wordt
gemaakt van het bovendrijvende cocosvet. Daarom moet je daar altijd weer water
bijdoen als je het gebruikt.
Versgemaakte cocosmelk heeft een meer uitgesproken cocossmaak dan creamed
coconut. Je kunt het van je smaak laten afhangen of je de voorkeur geeft aan
verse cocosmelk of creamed coconut. Meer
over cocosnoten. Startpagina basisrecepten
Hoe
maak je een cocosnoot open?
Als je zelf cocosmelk wilt maken van verse cocos (of
kokos), zul je
toch eerst die noot open moeten krijgen! Aan de top van de noot zitten drie
donkere plekjes. Zet daar een priem op, en doorboor twee van die oogjes door
met een hamer op de priem te slaan. Houd de noot ondersteboven, en laat het
vocht weglopen, in een glas (wie weet vind je het lekker). Nu leg je de noot op het aanrecht. Met een hamer geef je een
zacht tikje op de "evenaar" van de cocosnoot. Zachtjes! Je hoeft
de noot niet open te timmeren, let maar op: Je rolt de noot een kwart slag, en
geeft weer een tikje op de evenaar. Weer een kwartslag rollen, tikje, en zo
voort. Opeens splijt de cocosnoot spontaan en keurig in twee delen!
Een andere techniek is om de cocosnoot een paar keer aan de oogjeskant flink op
een harde vloer te meppen. Als het goed is splijt de noot dan in de lengte open.
Meer over cocosnoten.
Startpagina basisrecepten
Hoe maak je
aardappelpuree?
Wat kan daar nou over gezegd worden? Ten eerste een
verzoek: Neem alsjeblieft NOOIT aardappelpuree uit een pak. Snel klaar weegt in
dit geval niet op tegen verlies aan smaak. Je kunt aardappelpuree op
verschillende manieren bereiden:
1. De makkelijkste en magerste is helaas niet de
lekkerste (zoals bijna altijd het geval is), maar hij is beter dan puree uit een
pak: neem bloemige aardappelen, kook ze gaar, prak ze fijn en doe er wat kooknat
(van de aardappelen zelf of van groente) door. Op smaak afmaken met zout, peper,
nootmuskaat. Hoeveel kooknat? Dat hangt af van je aardappelen en hoe stevig je
de puree wilt hebben.
2. De luxere versie gaat per pond aardappelen uit
van 40 gram boter op kamertemperatuur en 1,2 deciliter hete melk. Kook de
aardappelen eventueel in de schil. Verwijder die dan meteen na het koken en
stamp de aardappelen fijn terwijl ze nog heet zijn. Roer dan eerst beetje bij
beetje de boter erdoor, en daarna lepel voor lepel de melk. Gebruik een houten
lepel voor het roeren. Voor een luchtige puree kun je ook een pureeknijper
gebruiken, zo'n ding dat eruit ziet als een reuze knoflookpers.
3. Als de puree nog de oven ingaat voor een mooi
korstje, of hij wordt gespoten in torentjes, dan gaat er nog een rauw ei door de
puree nr2. Doe dit op het laatst, vlak voor de puree de oven ingaat. Met
stijfgeklopt eiwit erdoor wordt de puree nog luchtiger. (Zie ook het recept voor
aardappelkroketten).
4. Een variant is de melk weglaten, en per kilo
aardappelen 50 gram boter en 3 eetlepels olijfolie extra vergine door de puree
roeren.
Nu de smaakvariaties. Goede aardappelpuree is ook zonder verdere toevoegingen
lekker, maar met enkele lepeltjes van het één of ander kun je een smaakaccent
geven dat harmonieert of juist contrasteert met het hoofdgerecht dat het moet
begeleiden:
Zeer luxe is de toevoeging van enkele theelepeltjes gehakte zwarte truffel.
Vervang dan 10 gram boter door 1 eetlepel truffelolie.
Groene kruiden bieden zeer veel mogelijkheden: dille, peterselie, bieslook,
lavas.
Er kan geraspte kaas door de puree, of fijngesnipperde rauwe sjalot, of
uitgebakken spekjes, of ... Kortom: leve de puree!
Startpagina basisrecepten
Hoe
rook je zelf vis?
Zelf vis roken is erg lekker, en niet zo moeilijk als veel
mensen denken. Je kunt het zelfs zonder speciaal rookoventje. Omdat de
beschrijving tamelijk uitgebreid is, staat dit onderwerp op een aparte
pagina. Startpagina basisrecepten
Hoe
gebruik je aluminiumfolie?
Aluminiumfolie of alufolie is héél plat, maar het heeft
toch twee kanten, die bij veel mensen twijfel oproepen: Welke kant moet je
gebruiken, de glimmende of de matte? Het antwoord is eenvoudig. De glimmende
kant weerkaatst meer warmte dan de matte kant. Wil je iets in de oven zetten en
voorkomen dat de bovenkant te snel verkleurt, doe dan de glimmende kant naar
buiten. Dek je even iets af om warm te houden, doe dan de glimmende kant naar
binnen. Als je bijvoorbeeld een hele, gebraden kip wil warmhouden, kreuk je de
alufolie eerst licht, en je legt de folie losjes om de kip heen. De kip blijft
warm en sappig (maar niet uren lang, alufolie is geen hooikist). Als je wilt dat
iets een bruin korstje krijgt zul je de folie altijd moeten verwijderen.
Startpagina basisrecepten
Wat
is een goede wok?
Voor de wok worden verschillende materialen gebruikt.Je
hebt wokken van gietijzer, plaatstaal, en anti-aanbak-wokken.
Helaas: de anti-aanbak-wokken zijn niet de beste. Ik
heb er een die ik uitsluitend voor stomen gebruik (met een bamboe inzet). Dat
kan verder geen kwaad.
Een gietijzeren wok is duur en zwaar. Het duurt lang voordat de wok warm
is, maar je kunt er goed in roerbakken. Voordeel is dat je beide handen vrij
hebt om met spatels de inhoud van de wok om te gooien. Als je snel het gerecht
uit de wok moet hebben voordat het te gaar is geworden heb je wel een probleem,
want je kunt de wok niet eventjes optillen en het voedsel eruit schudden.
(tenzij je groot en sterk bent, natuurlijk)
Een wok van plaatstaal is het best. Goedkoop (voor nog geen drie tientjes
heb je een flinke wok), en als hij goed behandeld wordt is het ook nog de beste
wok. Plaatstaal geleidt goed warmte. Het enige punt waarom veel mensen afzien
van zo’n wok is het onderhoud: plaatstaal roest als het niet goed wordt
behandeld, en gaat aanbakken.
Als je een nieuwe plaatstalen wok hebt aangeschaft moet deze eerst worden
ingebrand. Je maakt de wok schoon met afwasmiddel en een borstel of spons. Dit
is de enige keer in zijn bestaan dat de wok met afwasmiddel in aanraking komt
(of hij moet na verkeerd gebruik opnieuw worden ingebrand). Droog de wok af, en
zet hem op een zo hoog mogelijk vuur. Hij moet helemaal verhit worden. Zet een
bakje met neurtale spijsolie klaar, een paar flinke proppen keukenpapier, en een
tang of kookstokjes om het papier vast te houden. Als de wok goed heet is, doop
je het keukenpapier in de olie, en daarna wrijf je de prop van de bovenrand naar
het middelpunt van de wok. De olie gaat roken en de wok wordt zwart in het
midden, dat is de bedoeling. Als de wok geen olie meer opneemt zet je het vuur
uit. Haal het teveel aan olie uit de wok door met een schone prop keukenpapier
erdoorheen te gaan. Wacht tien minuten, en herhaal dit hele proces met schoon
keukenpapier en nieuwe olie. Doe dit nog twee of drie keer.
Nu heb je je eigen anti-aanbakklaag gecreëerd. Om die laag goed te houden is
het belangrijk dat je de wok steeds ONMIDDELLIJK na gebruik onder heet water met
een zachte borstel of een zachte spons schoonspoelt.Droog de wok meteen af en
zet hem op hoog vuur om alle vocht te doen verdampen. Ga er weer met een prop
keukenpapier die in olie is gedoopt door, veeg het teveel aan olie af, en laat
de wok afkoelen. Nu kan je hem opbergen. Het is belangrijk de wok steeds direct
na gebruik te reinigen, omdat anders etensresten aangekoekt zijn en je het
patina dat je met zoveel zorg hebt aangebracht beschadigd door hard te wrijven.
Gebruik voor stomen een aparte wok. Als je een oude wok hebt die niet
lekker roerbakt, is die uitstekend geschikt voor stomen, maar plaatstaal moet
wel goed gedroogd worden. Ik gebruik een oude anti-aanbakwok als stoomwok. (zie
het recept voor Chinese gevulde
paddestoelen)
Eigenlijk is het ook het beste om voor frituren een aparte wok te nemen.
Neem daarvoor bijvoorbeeld een geëmailleerde wok, of een oude plaatstalen wok.
(zie het recept voor Chinese granalentoastjes)
Een
pagina met meer informatie over wokken.
Startpagina basisrecepten
Hoe behandel je een spuitzak?
Een spuitzak gebruik je om slagroom, glazuur, beslag of
een mousse te spuiten, in mooie toefjes, of ergens in. Er zijn verschillende
materialen, van gecoat linnen tot dun plastic. Niet alle spuitzakken zijn even
duurzaam, sommige zijn voor eenmalig gebruik. Welke je ook neemt, kies een ruime
maat, want zelfs als je maar een beetje te vullen hebt, is een ruime overslag
prettig.
Soms zitten er spuitmondjes bij de zak, soms moet je die los kopen. Ze bestaan
uit drie delen: een deel dat in de zak in de punt past met een schroefdraad, een
ring die je van buiten op die schroefdraad draait, en een set spuitmondjes die
je in de buitenste draairing doet voordat je deze aan de spuitzak bevestigt.
Knip de punt van de spuitzak zover af dat de bijgeleverde of gekochte
spuitmondjes er goed op te bevestigen zijn.
Het vullen van de spuitzak doe je niet tot de rand aan toe. Je moet namelijk de
vulling er uit knijpen door de bovenkant dicht te draaien. Neem de zak, met het
bevestigde spuitmondje, in je linkerhand (of je rechter, als je links bent), sla
ongeveer de helft van de zak terug over je hand (meer als het een grote spuitzak
is), en schep de vulling erin. Zorg dat de vulling goed onderin komt, dat
scheelt later een hoop lucht spuiten. Vul de zak tot hooguit twee handbreedten
(bij kleine zakken kan je natuurlijk wat hoger gaan) van de bovenrand, draai hem
dan dicht, en terwijl je met je linkerhand de vulling naar beneden duwt, stuur
je met je rechterhand het spuitmondje.
Je moet een spuitzak die je vaker gebruikt wel goed schoon kunnen maken.
Dat gaat als volgt: Draai de spuitmond los en verwijder die, met de draairing
waarmee hij de spuitzak vastklemt. DIe dingen kunnen als je ze hebt
schoongespoeld (er blijft altijd vulling in zitten) in de afwasmachine. De zak
keer je binnenste buiten, je schraapt eventuele achtergebleven klodders eerst
van de zak af, daarna was je hem in een warm afwassopje goed af, met een spons
of borstel. Spoel ook de buitenkant even goed af, en laat de zak daarna
binnenste buiten drogen.
Hoe maak je kippelevertjes schoon?
Lever kan een bittere bijsmaak hebben, die verdwijnt als je de lever tien
minuten in koude melk wegzet. Daarna afspoelen en droogdeppen.
|
Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op
26-11-09.
|
Inleidende teksten, bewerkingen en foto's van gerechten zijn eigendom van Coquinaria en mogen niet zonder toestemming en bronvermelding worden overgenomen.
|