|
Inleidende teksten, bewerkingen en foto's van gerechten zijn eigendom van Coquinaria en mogen niet zonder toestemming en bronvermelding worden overgenomen.
Bouillon: de geest van van de
keuken
English
version of this page
Bouillon- en soeprecepten
Het gebeurt steeds minder: een pan staat
urenlang op een laag vuur de heerlijkste geuren te verspreiden. Wie neemt daar
nog de tijd voor? En: wat moeten we met al die bouillon?
Het is minder tijdrovend dan je denkt, want je hoeft heus niet uren lang naast
die pan te blijven staan. De bouillon die je niet meteen gebruikt vries je in,
in porties van een kwart liter, zodat je naar believen saus of soep kunt maken.
Een saus of soep kan redelijk zijn, goed, of overheerlijk. Met een
bouillonblokje zul je niet gauw een overheerlijke saus maken. Dat hoeft ook niet
altijd. Als je voor een gewone maaltijd een kerriesausje over de bloemkool
wilt maken (heel ouderwets tegenwoordig) is een blokje geen schande. Maar
overheerlijk wordt de saus niet. Daarvoor heb je een goede bouillon of in
sommige gevallen een fond (sterk ingekookte bouillon) nodig.
 |
Ik houd van bouillons en fonds maken. Op een
rustige dag zet ik een enorme pan op het vuur, en de hele dag ruikt het huis
lekker. De katten vinden dat ook, die zijn dan niet weg te slaan uit de keuken. In de
kelder staat een extra diepvries om al die bevroren heerlijkheden te bewaren.
In
deze afdeling verzamel ik een aantal basisrecepten voor verschillende bouillons
en fonds, en ook voor soepvlees. Gaar soepvlees is erg lekker, en niet alleen in
de soep.
Onderaan deze pagina staat een lijst van de
recepten. In de recepten wordt naar moderne maatstaven veel vlees en groenten
gebruikt. Een goede bouillon is niet echt goedkoop. Maar, vergeleken met de
basisbouillons die men in de negentiende eeuw bereidde, valt het nog mee: Bij
Escoffier wordt in de recepten voor bouillons en fonds in de Guide Culinaire
(in het nederlands vertaald als Het kookboek van de klassieke keuken)
voor het verkrijgen van één liter bouillon of fond ruim één kilo vlees en
botten gebruikt. Er worden verhoudingsgewijs minder groenten toegevoegd, en er
wordt ook minder ingekookt.
Eerst worden wat tips
gegeven die handig
zijn bij de bereiding van bouillons en fonds, en er worden een paar handelingen
beschreven die vaak terugkeren.
Zout:
In mijn recepten voor bouillons kom je geen zout tegen. De bouillons en fonds
worden meer of minder ingekookt, waardoor de smaak geconcentreerd wordt, en
daarna wordt er een soep of saus van gemaakt. Proef pas of er zout nodig is als
de soep of saus af is. Probeer ook eens géén zout toe te voegen. Gekochte
producten bevatten vaak teveel zout, waar we aan gewend raken. Maar veel zout maskeert vaak
gebrek aan echte smaak. Leer weer de smaak van de ingrediënten
zelf te proeven en waarderen.
Groenten
voorbereiden:
Prei was je door deze eerst in de lengte twee keer kruiselings door te snijden.
Dan houd je de aldus ontstane kwast onder de kraan. Duw de bladeren van elkaar,
zo kun je al het zand ertussen wegspoelen.
Ui gebruik je met schil en al. In de schil zit kleurstof, die de bouillon een
mooie roodbruine tint geeft. Gebruik biologische uien, en was ze goed voor
gebruik. Als je een hele donkere bouillon wilt maken, kun je ook wat extra
uienschillen erbij doen. Als je juist een lichte bouillon wilt, pel je de uien
natuurlijk wel.
Helaas zijn de soepgroenten na het trekken van bouillon helemaal sufgekookt. Als
je groenten in je soep wilt serveren, moet je na het zeven van de bouillon
nieuwe groenten in de soep doen.
 |
Het zeven van
bouillon:
Neem twee in elkaar
passende zeven, leg daartussen een natgemaakte kaasdoek of oude theedoek (gewassen zonder
wasverzachter). Giet de inhoud van de pan hierdoor. De grove bestanddelen
blijven in de bovenste zeef achter, de fijnere in de doek. Als je de bovenste
zeef weglaat, zou de doek snel verstoppen, bovendien is de doek moeilijker
schoon te maken. Uit de bovenste zeef kun je de stukken vlees halen. Dat
soepvlees is nog erg lekker. Behalve in de soep doen, kun je er ook andere
gerechten mee bereiden. Een aantal recepten staat hieronder. De soepgroenten
zijn te gaar geworden, doe die maar weg.
Als je een doek voor het zeven van bouillon goed schoon wilt maken zonder dat de
rest van de was naar bouillon ruikt, kun je de (uitgespoelde) doek opzetten in
een kookpan met ruim water, een flinke scheut (schoonmaak)azijn en een halve
eetlepel zout. Breng aan de kook, en laat een kwartiertje doorkoken. Roer af en
toe met een houten lepel die je speciaal voor dat doel gebruikt. Spoel de doek
daarna goed uit onder warm stromend water, en hang hem te drogen.
Ontvetten:
Het kan zijn dat de bouillon helemaal vetvrij moet zijn. Dat is vooral van
belang bij heldere consommé en gelei. Aangezien vet lichter is dan water komt
het bovendrijven als de bouillon met rust wordt gelaten. Je kunt al veel vet
verwijderen door, als de bouillon even heeft gestaan, een vel keukenpapier op de
bouillon te leggen. Het keukenpapier zuigt het vet op. Herhaal dit een paar keer
totdat het keukenpapier vooral bouillon opzuigt. De laatste vetoogjes haal je
eraf door bijvoorbeeld een koffiefilter te gebruiken.
Als je tijd genoeg hebt laat je de bouillon helemaal afkoelen. Bij
runderbouillon stolt het vet, en kun je het er zó afscheppen. Bij kippebouillon
is dat minder makkelijk, kippevet blijft langer vloeibaar.
Je bent nu van de "oogjes" in de bouillon af, maar hij is nog niet
helemaal helder. Daarvoor moet je de bouillon klaren. Hoe dat gaat valt te lezen bij het recept
voor gelei.
Inkoken:
Door verdamping van het
vocht wordt de smaak geconcentreerd. Voor bouillon kook je de vloeistof na het
zeven met ongeveer éénderde in, voor fond met tweederde tot driekwart. Van 5
liter vocht houd je dus voor bouillon ongeveer 3,5 liter over, voor fond 1,25
tot 1,75 liter. Om te weten of de bouillon genoeg is ingekookt om als fond te
gebruiken proef je hem. Fond is vol van smaak (zónder toevoeging van zout!), en
iets zoetig. Zelfs afgekoeld moet de fond een goede smaak hebben. Als je fond na
met driekwart inkoken nog niet goed van smaak is, zou het dan niet kunnen dat je
in Hollandse zuinigheid te weinig botten/groenten voor de hoeveelheid water hebt
gebruikt?
Afkoelen en invriezen van de ingekookte
bouillon:
Het is belangrijk dat de bouillon snel afkoelt om te worden ingevroren. Vul de
gootsteen voor éénderde tot de helft met koud water. Zet de pan erin, met een
metalen lepel in de bouillon (het metaal geleidt warmte, en helpt dus ook bij
het afkoelen). Roer in de bouillon, en houd ook het water in de
gootsteen in beweging. Als het water te warm wordt, laat je het weglopen en vul
je de gootsteen opnieuw met koud water. In tien minuten is de bouillon volledig
afgekoeld.
Invriezen als je weinig plastic bakjes hebt: Zet een bakje op een weegschaal en doe een diepvrieszakje erin. Vul met een
pollepel het zakje tot 250 gram (dat is dus een kwart liter). Je kunt natuurlijk
ook een maatbeker gebruiken. Bind het zakje dicht en plak er meteen een sticker
met inhoud, hoeveelheid en invriesdatum
op, want in de diepvries lijken alle bouillons op elkaar. Als je de bouillon
voor soep wilt gebruiken kun je ook per halve of hele liter invriezen.
Als je veel plastic bakjes hebt kun je de bouillon ook in de bakjes zelf
invriezen. Als de bouillon bevroren is, haal je hem uit het bakje. Je wikkelt er
eerst plasticfolie omheen, daarna doe je de ingepakte bouillon in een
diepvrieszakje. Dan gaat de sticker er op.
Als je fond wil invriezen kun je dat het beste per deciliter of achtste liter
doen, en ook wat fond in ijsblokjeshouders invriezen. Van fond heb je minder
nodig dan van bouillon, soms maar een enkele eetlepel (dat is dus één
ijsblokje).
Gelei:
Als bouillon helemaal afgekoeld is, kan hij een blubberige massa worden. Dat
betekent dat er veel botten in de bouillon zaten. De bouillon is niet bedorven,
als hij wordt verwarmd "smelt" de gelei weer, en heb je weer vloeibare
bouillon. Zie verder het recept voor gelei.
Lijst met
recepten van bouillons, fonds, en enkele recepten voor restverwerking van
soepvlees.
|
Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op
26-02-10.
|
Inleidende teksten, bewerkingen en foto's van gerechten zijn eigendom van Coquinaria en mogen niet zonder toestemming en bronvermelding worden overgenomen.
|